Op zijn achtentwintigste ging Niek van den Adel zwaar onderuit met zijn motor. Het gevolg: een dwarslaesie die hem vanaf zijn borst verlamt. Maar bij hem komt daar nog een zeldzaam extraatje bij: een syrinx, een holte in zijn ruggenmerg die ook zijn resterende lichaamsfuncties voortdurend bedreigt.

 

Als het niet gaat zoals het moet, dan moet het maar zoals het gaat. In 2010 verandert er door mijn ongeluk veel. Ik heb dankzij mijn dwarslaesie geleerd om geluk te mogen ervaren. Elke dag weer, ook als de dag, ondanks 43 pillen, begint met veel pijn. En of het fysieke-, mentale- of organisatiepijn is, dat maakt niet uit. Leuk is het niet maar je kan ermee dealen als je daarvoor kiest.

 

Ik doe niets anders dan metaforen en verhalen vertellen. Over super dienstverleners, rare situaties op de werkvloer in de trein en tijdens de lunch. Over oprecht aandacht geven, de utopie van gastvrijheid, over lachen en huilen. Over geluk zit niet in je benen, de omgang met de bezoeker en jouw collega. Over bliepmiepen, de beste dienstverlener ter wereld; Joep mijn hulphond, over inspiratie en motivatie. Hoe blijven wij nu die super gastvrije zorgverlener in een snel veranderende wereld?